Onderzoek naar de basiswaarden van NeuroTracker als voorspeller van de prestaties bij taken voor luchtverkeersleiding.
46 deelnemers voltooiden 2 uur aan assessments, waaronder een NeuroTracker baselinemeting, de Corsi Block Tapping-test en de Automated Operation Span-test, gevolgd door een gesimuleerde luchtverkeersleidingstaak.
Na correctie voor leeftijd en het spelen van videogames voorspelden NeuroTracker baselinewaarden significant de correcte detectie van conflicten tussen vliegtuigen, minder valse alarmen bij conflicten en snellere acceptatie en overdracht van vliegtuigen. NeuroTracker was een sterkere voorspeller van deze uitkomsten dan de Corsi Block Tapping- en Automated Operation Span-tests. De onderzoekers concludeerden dat de bevindingen aantonen dat NeuroTracker nuttig kan zijn voor de screening en selectie van sollicitanten voor de luchtverkeersleiding.

Met behulp van NeuroTracker -metingen van de beschikbare cognitieve capaciteit wordt voor het eerst het verschil in mentale eisen tussen het besturen van een straalvliegtuig in de praktijk en in een simulatie aan het licht gebracht.
Het doel van dit meerjarige onderzoeksproject was het ontwikkelen van methoden om de effectiviteit van training (inclusief live en gesimuleerde platforms) te beoordelen door meetinstrumenten voor cognitieve belasting te valideren die kenmerkend zijn voor het verwerven van vaardigheden.
Tien evaluatiepiloten (met 100-300 vlieguren ervaring) werden geselecteerd om vliegmanoeuvres van lage, gemiddelde en hoge moeilijkheidsgraad uit te voeren, zowel in een jet-vliegsimulator als in een echte jet-trainer (Aero Vodochody L-29 jet trainer) onder experimentele omstandigheden. Tijdens de vlucht werden ECG-gegevens (NeXus-4) en oogvolggegevens (Dikablis) verzameld. De vliegprestaties werden geanalyseerd op hoogte-, rol- en verticale snelheidsfouten, en de cognitieve belasting werd subjectief beoordeeld (10-punts Bedford Workload Scale). NeuroTracker werd geselecteerd als gevalideerd instrument voor het evalueren van perceptueel-cognitieve vaardigheden om de beschikbare cognitieve capaciteit te meten via externe belasting (Cognitive Load Theory). Alle piloten voltooiden eerst een thuisgebaseerde NeuroTracker consolidatietraining (15 kernsessies). NeuroTracker werd geïntegreerd in de vliegtestomgeving. Alle piloten voerden vliegmanoeuvres van lage, gemiddelde en hoge moeilijkheidsgraad uit, zowel zonder NeuroTrackerals tijdens gelijktijdige uitvoering NeuroTracker kernsessies.
Vergeleken met het uitvoeren NeuroTracker alleen, zorgden zowel live als gesimuleerde vluchten met alle manoeuvres voor een drastische afname van NeuroTracker snelheidsdrempels (gemiddeld ~97%). Dit toonde, wellicht voor het eerst, objectief aan dat straalvliegtuigvluchten een zeer hoge intrinsieke cognitieve belasting met zich meebrengen. Live vluchten resulteerden in lagere NeuroTracker snelheidsdrempels en fysiologische prestaties dan gesimuleerde vluchten, met grotere verschillen bij manoeuvres van hogere moeilijkheidsgraad. Dit bewijs suggereert dat de fysiologische en cognitieve belasting aanzienlijk hoger is tijdens live vluchten, wat de theorie ondersteunt dat de hersendynamiek in de echte wereld verschilt van die in een laboratorium.
